
Toen ik begon met mountainbiken in Oostenrijk, had ik totaal geen idee wat ik deed. Route plannen? Hoogtemeters? Geen idee. Ik fietste achter Joost aan en vond alles altijd te zwaar en te ver. Van het uitzicht genieten was er dan ook niet bij. Maar inmiddels heb ik veel geleerd en weet ik hoe je fietsen in de bergen écht leuk houdt. Het begint bij goede routeplanning en verwachtingen managen.
Fietsen mag niet overal
Een van de eerste dingen die je leert: je kunt in Oostenrijk niet zomaar elk pad op. Veel bospaden en wandelroutes zijn privé of alleen voor wandelaars. Fietsen mag alleen op paden die expliciet zijn vrijgegeven. Apps zoals Komoot, Outdooractive en Bergfex zijn handig om een route te plannen, maar ze laten ook paden zien waar je officieel niet mag fietsen. Een mooie lijn op je scherm is dus geen garantie dat het lukt in de praktijk.
Daarom is het het beste om naar fietskaarten van de regio te kijken. Bijna ieder dorp heeft alle fietsroutes online op een interactieve kaart, of je kunt bij het toerismebureau een fysieke kaart halen.
Wil je geen standaardroute rijden of het risico lopen dat je halverwege moet omkeren, dan is het vaak slimmer om een gids te boeken. Die kent de mooiste routes, weet precies waar je wél mag fietsen en kan je tips geven voor uitdagende stukken én pauzes.
Afstand zegt niet alles: zo bereken je de tijd
In de bergen zegt het aantal kilometers weinig over hoe lang je onderweg bent. Een rit van 30 kilometer kan makkelijk een flinke onderneming worden door klimmen, steile stukken, technische afdalingen en stoppen voor navigatie of uitzicht.
Tijdens mijn MTB-guideopleiding heb ik een simpele richtlijn geleerd die je goed kunt gebruiken om je rit in te schatten:
Per uur reken je gemiddeld ongeveer 12 kilometer en 400 hoogtemeters.
Stel: je wilt een rit van 48 km en 800 hoogtemeters rijden. Dan kun je de tijd als volgt berekenen:
- Bereken de tijd op basis van afstand: 48 km ÷ 12 km/uur = 4 uur
- Bereken de tijd op basis van hoogtemeters: 800 hm ÷ 400 hm/uur = 2 uur
- Gemiddeld van deze twee = 3 uur rijtijd
Daarbij moet je nog pauzes optellen voor eten, drinken, foto’s of even bijkomen. Bij groepen rekenen gidsen vaak ± 15 minuten pauze per uur. Doe je een sportief rondje alleen, dan kun je natuurlijk minder pauze rekenen, maar hou er wel rekening mee dat er iets aan pauze bij komt.
💡 Belangrijk: dit is een richtlijn, geen exacte wetenschap. Iedereen fietst anders en het terrein kan enorm verschillen.
Hoogtemeters en stijgingspercentage
Op de kaart lijken paden soms kort, maar één klim kan al snel een uur duren. Hoogtelijnen op de kaart zeggen het meeste over hoe zwaar een route is. En in Oostenrijk is het al snel boven de 15%.
- Rond de 15% stijging wordt het serieus zwaar en dat wil je niet uren achter elkaar fietsen.
- Er zijn genoeg stukken die je tegen komt boven de 20%. Dit is voor veel fietsers te steil. Misschien moet je een stukje lopen met de fiets.
Kijk naar de hoogtemeters om de richting van de ronde die je rijdt te bepalen.
Kies routes die bij je niveau passen
Veel paden worden ingedeeld volgens de Singletrail-Schaal (S0 t/m S5). Deze schaal geeft aan hoe technisch en uitdagend een pad is.
S0–S1: Prima voor minder ervaren fietsers in de bergen. Makkelijke paden met weinig obstakels.
S2: Technisch uitdagend, met steilere stukken en obstakels. Alleen voor ervaren rijders, je moet je MTB-techniek goed beheersen.
S3: Echt technisch zwaar en steil. Alleen voor zeer ervaren bergfietsers; niet geschikt voor normale recreatieve fietsers. Full face helm en protectoren aanbevolen.
S4–S5: Extreem technisch; vaak niet meer op de fiets te doen, alleen te lopen of te dragen.
💡 Tip: als je het gebied niet kent, blijf bij S0 of S1. Zo blijft fietsen leuk én veilig.

Plan niet te ambitieus
Het belangrijkste dat ik heb geleerd: onderschat de bergen niet. Plan liever een iets kortere route dan je zou willen. Het terrein, de klimpercentages en pauzes maken een “kort rondje” al snel tot een hele dag.
Snacks en water zijn je beste vrienden
Je bent vaak ver weg van dorpen of winkels. Bergop verbruik je veel energie. Een paar extra repen kunnen je dag maken, net als genoeg water. Altijd meenemen!
Onderweg kom je soms houten drinkbakken of kleine fonteintjes tegen, vaak bedoeld voor koeien of paarden. Het water wordt soms bijgevuld met een tuinslang of een bron, maar is niet altijd veilig om te drinken. Stilstaand water kan bacteriën of parasieten bevatten. Toch drinken veel mensen hieruit. Mijn ervaring is, dat ik er niet ziek van wordt als ik af en toe een slokje neem uit zo'n slang. Maar iedereen reageert natuurlijk anders.
💡 Tips voor veilig drinken onderweg:
- Neem altijd je eigen gevulde drinkfles mee.
- Vul deze alleen bij fonteintjes met een bordje “Trinkwasser” of officiële drinkwaterpunten.
- Wie echt onderweg water uit beekjes wil drinken, kan een klein filtertje of tabletten gebruiken.
Zie deze houten bakken dus vooral als verfrissing voor handen of gezicht, niet als waterbron voor onderweg — tenzij expliciet aangegeven als drinkbaar.
Weer en kleding: voorbereid op alles
In de bergen kan het weer verraderlijk zijn en zomaar omslaan. Een zonnige ochtend kan ineens veranderen in regen of mist. Daarom is het slim om altijd een lichte regenjas of windjack mee te nemen, ook als het bij vertrek mooi weer is.
Daarnaast is de zon sterk in de bergen, zeker op grotere hoogte. Vergeet dus zonnebrand, een zonnebril en eventueel een pet of buff niet.
Kledingadvies in het kort:
- Laagjes: zodat je iets aan- of uit kunt trekken bij temperatuurverschillen
- Waterdichte jas: klein opvouwbaar in rugzak
- Zonnebescherming: zonnebrand, zonnebril, pet/buff
- Veiligheidsdeken: mocht er onverhoopt iets gebeuren, beschermt deze deken je teken de zon of tegen de kou
- Extra: eventueel handschoenen en buff voor wind of kou
Zo blijf je comfortabel en veilig, ongeacht of het weer plots omslaat of de zon flink schijnt.
Geniet van het onverwachte
De bergen zijn onvoorspelbaar: een koe midden op het pad, een gesloten hek, een onweersbui of een uitzicht dat je even doet stoppen. Dat hoort erbij en maakt fietsen in Oostenrijk juist bijzonder.
Met goede voorbereiding, realistische verwachtingen en wat flexibiliteit wordt zelfs een korte rit een avontuur waar je nog lang van nageniet.









